Logo Brabantse Delta
 

Anno 1843: Statistiek Tableau, Polder nº. 81-83

Afwatering via de Keenehaven op de Dintel
Info Jan van den Noort 010-4366014
Statistiek Tableau nº. 81-83

Bronnen:
Grote Historische Atlas van Nederland 1:50.000, deel 4: Zuid-Nederland 1838-1857 (Groningen 1990
A. de Geus en E.C.B. van Rappard, Statistiek Tableau der Polders in Noord-Braband ('s-Hertogenbosch 1843)

81. De oude Fijnaart
in gemeente Fijnaart (844,0003 bunder met de dijken)
• Zomerpeil: -0,50 • Maalpeil: +0,50 • Tijd van bedijking: 1548
• Middelen van uitwatering: Heeft het zoogenaamde Keensche sas, gemeen met de Keensche gorzen en met Nieuwland of Mancia-Winterpolder, en buitendien eene open heul in den oostelijken dijk, waardoor het water naar den molen wordt gevoerd.
• Waarop uitwaterende: Door middel van den hier nevens genoemden watermolen op het rivierjte de Keen, en vervolgens op de river de Dintel.
• Soort van grond: Goede klei
• Bestuur: Dijkgraaf (1) Gezworen (2) Secretaris Penningmeester (1)
• Aanmerkingen: De schotbare grootte van dezen Polder beloopt 820 Bunders, 10 Roeden, 82 Ellen.
In de kosten der herdigting van de rivier de Mark en Dintel, (zie n. 45) is deze Polder aangeslagen op f0 - 92 1/2 per gemet (0 B. 42 R. 58 Ell.) 's jaars, gedurende 15 jaren.
In dezen Polder ligt het Dorp de Fijnaart, – aan de westzijde vindt men nog het gehucht den Ouden Molen en een weinig zuidwaarts de overblijfselen van het fort Hompesch, waarvoor eene coupure in den dijk ligt ter diepte van het maaiveld.
Vr de bedijking werd dit land Vrouw Jacobsland of oude Fijnaart genoemd. De jurisdictie van de Fijnaart is ter bedijking uitgegeven in den jare 1380, door Jan van Polana en Hendrik van Boutersem, op Vrijdag na Sint Paulus, en zulks ten behoeve van Jan Boudewijns Zoons Zoon en Geraerds Willems Zn. c.s.; deze opgave doet vermoeden, dat de bedijking vroeger dan 1548 zal hebben plaatsgehad.
terug naar de kaart anno 1995

82. De Keensche Gorzen, ten zuiden van Klundert
in gemeente Fijnaart (97,1711 bunder) in Klundert (26,906 bunder) in Standdaarbuiten (55,6807 bunder)
• Zomerpeil: Gelijk A.P. • Maalpeil: 0,50 • Tijd van bedijking: 1768
• Middelen van uitwatering: In gemeenschap met den oude Fijnaart en 't Nieuwland of Mancia-Winterpolder. Eene sluis het sas genaamd, aan den benedenmond van het riviertje de Keen, wijd 6 Ellen, voorzien van twee paar puntdeuren, gebouwd in 1768.
• Waarop uitwaterende: Met het opgemalen water van den oude Fijnaart in 't Nieuwland of Mancia-Winterpolder, door het riviertje de Keen op de Dintel.
• Soort van grond: Goede klei
• Bestuur: Dijkgraaf (1) Gezworen (2) Penningmeester (1)
• Aanmerkingen: De schotbare grootte van dezen Polder beloopt onder Fijnaart 96 Bunders, 28 Roeden, 9 Ellen; onder de Klundert 79 Bunders, 59 Ellen; en onder Standdaarbuiten 51 Bunders, 76 Roeden, 19 Ellen.
In de kosten der herdigting van de rivier de Mark en Dintel, (zie n. 45) is deze Polder aangeslagen op f0 - 92 1/2 per gemet (0 B. 42 R. 58 Ell.) 's jaars, gedurende 15 jaren.
De watermolen in dezen Polder is in 1802, voornamelijk ten behoeve van den ouden Fijnaart, gebouwd, doch bemaalt tevens het Nieuwland of Mancia-Winterpolder, terwijl voor de Keensche gorzen geene behoefte aan eenen watermolen bestaat, daar de watergang van deze (het riviertje De Keen) zelfs tot boezem van den voorgaandenen volgenden Polder strekt [resp. De oude Fijnaart en Nieuwland of Mancia Winterpolder] .
Toen de rivier de Keen, vr 1768, nog bevaarbaar was, bezat het Domein een veer over hetzelve, doch later werd over de sluis, welke ook nog tot schutting van vaartuigen moet gediend hebben, eene voetbrug gelegd, en voor ruim 30 jaren is deze, van wege het Domein, vervangen door eene brug geschikt om over te rijden, en waarop een bruggeld, ook voor voetgangers, wordt geheven.
terug naar de kaart anno 1995

83. Nieuwland of Mancia-Winterpolder
in gemeente Standdaarbuiten (174,904 bunder)
• Zomerpeil: -0,50 • Maalpeil: 0,50 • Tijd van bedijking: Onbekend
• Middelen van uitwatering: Een watermolen staande in de Keensche gorzen, gecombineerd met den oude Fijnaart, in 1802 gesticht.
• Waarop uitwaterende: Bij opmaling op de Keen en van daar door het Keensche sas op de Dintel.
• Soort van grond: Goede klei
• Bestuur: Een Dijkgraaf tevens Penningmeester en Boekhouder en een Gezworen
• Aanmerkingen: De schotbare grootte van dezen Polder beloopt 179 Bunders, 91 Roeden, 74 Ellen.
In de kosten der herdigting van de rivier de Mark en Dintel, (zie n. 45) is deze Polder aangeslagen op f0 - 92 1/2 per gemet (0 B. 42 R. 58 Ell.) 's jaars, gedurende 15 jaren.
De hier nevensgemelde watermolen, voor gemeene rekening met den oude Fijnaart gebouwd zijnde, wordt ook, met de uitwatering de Keen en het zoogenaamde Sas, gemeenschappelijk onderhouden; de Keensche gorzen deelen echter ook in de onderhoudskosten van het Sas.
terug naar de kaart anno 1995

terug naar de kaart anno 1843